Vergunningsprocedure MER moet korter. Agrabeton nieuws
De vergunningsprocedure voor de realisatie van een nieuwe stal duurt te lang, vindt VVD-raadslid Clasien de Regt van de gemeente Etten-Leur. “Systemen die in de aanvraag staan beschreven, zijn bij de bouw vier jaar later niet meer actueel.” Ze heeft een brief gestuurd naar de provinciebestuur in Noord-Brabant waarin ze haar grieven kenbaar maakt.
Het kabinet heeft als doelstelling om het aantal vergunningen te verminderen en daarmee kosten te besparen. Maar het kabinet heeft de intensieve veehouderij nog links laten liggen. Dit tot ongenoegen van VVD-raadslid Clasien de Regt van de gemeente Etten-Leur. Het gaat haar voornamelijk om aanvragen waarbij een tijdrovende Milieu Effect Rapportage (MER-procedure) noodzakelijk is. Een veehouder moet in dat geval een uitgebreide procedure in die vier tot vijf jaar kan duren. Ze wil de procedure verkorten naar één of twee jaar.
Vier tot vijf jaar
Ondernemers zijn gedwongen bij een aanvraag een stalinrichting of andere aanpassingen te kiezen die meestal op z’n vroegst pas na vier jaar zullen worden gerealiseerd. Van de gekozen inrichting is daarna niet meer af te wijken, omdat dan de procedure weer geheel of gedeeltelijk moet worden overgedaan. De Regt vindt het jammer dat deze veehouders dan geen gebruik kunnen maken van nieuwe technologieën die ook voor omwonenden minder overlast veroorzaken.
Een MER-procedure neemt al gauw anderhalf tot twee jaar in beslag. Het opstellen van een rapport en de beoordeling is tijdrovend. Daarnaast moet de veehouder minimaal een jaar rekenen als het bouwblok gewijzigd moet worden. Voor milieu- en bouwvergunningen staat een half jaar. Sinds april is er wel een en ander veranderd. Voor zeugenhouders lag eerder de drempelwaarde voor een MER-beoordeling bij 350 zeugen, dat is verhoogd naar 750. De ondergrens voor vleesvarkens is echter verlaagd naar 2.000 vleesvarkens. Dit was 2.200 stuks.
Ook voor gespeende biggen, melkvee, vleesvee, schapen/geiten geldt per 1 april van dit jaar een MER-beoordelingsplicht. Dat geldt voor de volgende dieraantallen: vleesrunderen 1.200, gespeende biggen 2.700 en schapen en geiten 2.000. Een andere belangrijke wijziging is dat de bovengenoemde drempelwaarden indicatief zijn geworden. Dit betekent dat gemeenten ook bij initiatieven onder de genoemde drempelwaarden kunnen vragen om de milieueffecten in beeld te brengen.
Verkorten
De vergunningsprocedure verkorten, is niet eenvoudig, zegt Suzanne van der Heijden, adviseur intensieve veehouderij bij adviesbureau Agra-Matic. De MER-commissie en de gemeente spelen een cruciale rol. “De ene gemeente is sneller met de afwikkeling van bijvoorbeeld een bestemmingsplanprocedure dan de andere. Dat heb je als veehouder niet in de hand. Bovendien moet de ene procedure afgerond zijn, voordat met de volgende gestart kan worden.”
Een mogelijkheid om de termijn te verkorten, is om een maximale beoordelingstijd vast te stellen, merkt Van der Heijden op. “Het opstellen van de benodigde stukken en het doorlopen van de procedure is kostbaar. Veehouders willen ook zekerheid over de haalbaarheid van een plan, voordat de verschillende procedures in gang worden gezet.”
Dubbel werk
Ze noemt nog een andere mogelijkheid om de termijn te verkorten. “Er zou eens kritisch gekeken moeten worden naar het nut en noodzaak van de inhoud van een MER-beoordeling. Alle aspecten worden in de nieuwe omgevingsvergunning opnieuw beoordeeld en vastgelegd in de beschikking. In feite betekent dat dubbel werk.”
http://agrabeton.cementenbeton.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=372&Itemid=9